maandag 30 november 2015

 
 EPISODE 11

Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen
https://www.youtube.com/watch?v=l4DLatly4tg

Het ontbijt de volgende morgen werd overheerst door een algehele stilte. Het was er nooit eerder zo koeltjes aan toegegaan ten huize Dupont. Het was duidelijk dat Jean een grote schok te verwerken kreeg. Leonore had de ganse nacht zitten piekeren over hoe de eendracht in haar familietje bedreigd werd. Ze was uiteindelijk in de vroege uurtjes ingedommeld op de zetel. Het was de eerste keer sinds hun huwelijk dat zij het bed met haar man niet had gedeeld. Jean kreeg het niet over zijn hart om zondermeer naar het werk te vertrekken en gaf zijn vrouw een klein kusje op het achterhoofd. …”We komen hier wel uit liefje!”… Die kleine geste maakte voor Eleonore een wereld van verschil. Zij zou het niet aankunnen moest de geaardheid van Joan de oorzaak worden van een breuk met haar man.
Er bleef echter niet veel tijd over om te zitten kniezen. Jean was nog maar net de deur uit toen met luid hoefgetrappel de nachtkoets uit Parijs de straat kwam ingereden. Sylvie en Joan hadden het gehoord en ze kwamen in nachtjapon de trappen afgestoven om de geliefde tante en hun nichtje te verwelkomen. De koetsier had zijn handen vol om de zware koffers uit te laden terwijl Sofie de aanstormende kinderen in haar wijd geopende armen nam. …”Olala, mes petits choux, jullie zijn zo gegroeid!...en wat zien jullie er goed uit, maar dat verwondert mij niet met een mama die zo lekker kan koken.”… Joan had met bijzondere aandacht naar het knalrode kleedje van nichtje Claire zitten kijken. …”Oh Claire, wat een mooie jurk!”… Hij gaf haar een welkomstkusje  terwijl de kaakjes van de kleine Parisienne lichtjes begonnen te blozen. Zij had zulke opmerking nooit verwacht van een jongetje. Sofie omhelsde haar jongere zus Leonore. …”Ça va ma petite soeur? We zullen Joan en Claire in de gaten moeten houden zo te zien!”… Leonore deed alsof zij die laatste opmerking niet gehoord had en zij maande de kinderen aan  zich te gaan omkleden en nadien in de tuin te gaan spelen. Joan trok echter eerst aan de lange rok van zijn stiefmoeder en fluisterde zachtjes in haar oor. …”Mama mag ik iets uit de kast van Sylvie aantrekken?”… Hij bekeek haar met grote smachtende oogjes waardoor de moeder op smelttemperatuur kwam en waardoor hij haar zo ver kreeg dat een ontgoochelend antwoord niet tot de opties behoorde. …”Doe maar”… zei ze zacht, waarna het jongetje dolgelukkig de twee meisjes achterna holde.
De iets oudere Sofie d’Amarque was net zoals haar zus een mooie verschijning. De bemiddelde familie d’Amarque had in Fontainebleau een gerenomeerd werkhuis waar dierenhuiden en –pelsen werden omgetoverd tot exclusieve  kledingstukken die tot ver buiten Europa werden verkocht. Niet alleen de Franse adel met het chateau van de voormalige koning in de buurt, maar ook de gegoede burgerij, waren gretige afnemers van ‘Les Confections d’Amarque’. Niettegenstaande de contacten met de geviseerde koninklijke familie, gingen de zaken niet minder goed na de Franse revolutie die de sociale verhoudingen in het land sterk ondersteboven haddden gehaald. Vader d’Amarque had reeds jaren voor de omwenteling een reeks verlichte ideeën doorgevoerd ten gunste van zijn werknemers. De bekende filosoof en held van de revolutie, Jean Jacques Rousseau, was kind aan huis en ’s avonds werd in de woonkamer meer dan eens over politiek gediscussieerd.
Het was in die periode dat Jean Dupont naar Fontainebleau afreisde om de gegeerde schapenwol uit Mont Saint Duprez te verkopen. Jean werd smoorverliefd op de  verblindend mooie Leonore. Hij vond er niet alleen zijn vrouw, maar in het woelige Frankrijk lagen ook de kiemen van zijn sociaal engagement dat hij later in zijn eigen landje zou toepassen.

 Terwijl er van boven uit de kinderkamer een gegiechel van jewelste kwam, waren de twee zussen even alleen aan de keukentafel. Sofie had al van de eerste oogopslag gemerkt dat er iets mis was met haar anders zo blijgezinde zus. …”Alors ma petite, vertel op! Ik zie aan je ogen dat je geweend hebt. Er zijn toch geen problemen met Jean?”… Leonore probeerde zich sterk te houden voor de kinderen die elk ogenblik terug naar beneden zouden kunnen komen. Zij wilde zeker aan hen haar tranen niet laten zien. …”Jean en ik hebben vannacht niet samengeslapen omdat we een zware discussie over Joan hadden”… “Toch niet weer omwille van zijn afkomst?”… vroeg Sofie bezorgd. …”Ja en neen… enfin,… je zal het dadelijk wel zien waarom.”…
Sylvie was de eerste die in de deuropening van de keuken verscheen. Op haar gezichtje stond een ondeugende blik af te lezen. De manier waarop ze naar haar alsnog onwetende tante keek, verraadde haar nieuwsgierigheid. …”Eh bien, les voila!”… Het enthousiasme van Sofie sloeg plots om in grote verbazing toen Joan ietwat schuchter maar als een perfect jong meisje ten tonele verscheen. Sofie zag onmiddellijk aan de houding van Joan dat het niet zomaar om een onschuldige verkleedpartij ging waar kinderen doorgaans dol op zijn. Claire die een jaartje ouder was dan de twee anderen, bevestigde het vermoeden van haar moeder. …”Maman, ons neefje wil een meisje zijn en kijk eens welke mooie vlechtjes ik in zijn haar gelegd heb!”… Joan draaide met zijn hoofdje in beide richtingen in de hoop op een goedkeurende reactie vanwege zijn tante. Sylvie zorgde voor de kers op de taart en vestigde er de aandacht op dat zij verantwoordelijk was voor de bloemetjes in het haar van haar broertje. Toen Sofie de aard van de situatie compleet doorhad, volgden voor de kinderen de verlossende woorden. …”Maar dat hebben jullie mooi gedaan! Ga nu maar naar de tuin en denk eraan: meisjes maken zich niet vuil!”… De drie haastten zich hand in hand om buiten te gaan spelen waar ze het op een bankje onder de kersenboom over meisjeszaken hadden.

…”Jean is er kapot van.”… zei Leonore met gebogen hoofd. …”Hij heeft mij gevraagd om met Joan naar de dokter te gaan en hem te genezen van de zogezegde microbe die hij geërfd zou hebben van zijn verachtelijke familie.”… Sofie nam haar zus in de armen. …”Maar lieverd, Joan is niet ziek, hij kan er niets aan doen dat hij zich zo voelt!” …”Daar hoef je mij niet van te overtuigen, maar dokter Legrand is een kwakzalver die in staat is om mijn zoontje doodongelukkig te maken.”… “Luister, ik ben hier nog een ganse week. Ik zal het wel uit zijn hoofd praten!”… Het gelaat van Leonore kreeg stilaan terug kleur en de zusjes begonnen aan de voorbereidingen voor Sofie’s wereldberoemde ‘crêpes aux fraises’

Wordt vervolgd

zaterdag 28 november 2015


Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen:
https://www.youtube.com/watch?v=WeAc0oh818s


EPISODE 10

Het begrip familie was voor Jean Dupont een heilig gegeven. Waar hij ook mee bezig was, hij onderbrak altijd en consequent de werkzaamheden voor familiale verplichtingen. Dat gold ook voor het dagelijkse diner dat steeds klokvast om 19 uur werd gepland. Dat stelde hem in staat om zijn beide kinderen van nabij te volgen. Ook die avond zaten Sylvie en Joan aan tafel terwijl hun moeder een dampende pot stoverij van het open vuur haalde. Hun papa kwam precies op tijd binnen, kuste zijn twee snaken en omarmde zijn vrouwtje.
…”Jongens wat ruikt het hier weer lekker!” Het einde van de zomervakantie kwam in zicht en in Mont Saint Duprez was enkele jaren voordien de algemene schoolplicht ingesteld voor kinderen vanaf zes jaar. Ook voor de familie Dupont en vooral voor de kinderen zou over een week een ander leven beginnen. Het nieuwe en bovendien gratis onderwijsbeleid was één van de verwezenlijkingen van de Assemblée waarop Jean heel fier was. Hij was een sterk overtuigd katholiek zoals de grote meerderheid van de bevolking, maar toch was het zijn droom om ooit een autonoom onderwijsnet uit te bouwen dat los van de kerk zou staan. Als verlicht politicus waren de berichten over kindermishandeling en homoseksueel misbruik in de scholen, een doorn in het oog. Maar bekwame opgeleide leerkrachten waren tot nog toe enkel te vinden in de vele kloosters en kerkgemeenschappen. Het zou jaren duren om wat dit betreft het tij te kunnen doen keren door de opleiding van een nieuwe generatie leraars.

Het was dan ook niet verwonderlijk dat papa Dupont het gesprek aan tafel opende door met zijn kinderen over de school te beginnen. …”En lieve schatten, kijken jullie er naar uit om volgende week naar school te gaan?”… “Oh ja papa!”… antwoordde Joan enthousiast. Hij legde zijn handje op de schouder van zijn zusje…”Sylvie en ik gaan heel veel nieuwe vriendjes krijgen en wij gaan leren evenzo belangrijk te worden als u papa!”… Jean kreeg het antwoord dat hij wilde horen en het deed hem zichtbaar plezier. Ook Sylvie zag de nieuwe uitdaging wel zitten, maar zij stelde een vervelende vraag. … “Papa, wil jij aan de baas van de school vragen of Joan en ik naast elkaar mogen zitten in de klas?”… “Maar liefje, er zijn scholen voor meisjes en er zijn scholen voor jongens. Hoe graag ik het ook zou willen, jullie kunnen niet naar dezelfde school!”… Dit nieuws sloeg in als een bom. Sylvie hield haar hoofdje naar beneden en de grote twinkelende ogen van Joan staarden wagenwijd open van verbazing in de richting van zijn stiefmoeder. Jean probeerde de stemming er terug in te krijgen. …”Jongens, zo erg is dat toch niet. Na enkele uurtjes in de klas, zien jullie elkaar dagelijks weer terug en ik heb er al voor gezorgd dat jullie naar de beste scholen van het land gaan!”…Deze woorden bedaarden slechts gedeeltelijk de gemoederen. Mama Leonore vond het de hoogste tijd om een ander onderwerp aan te snijden. …”Zeg eens, mijn twee lieve schatten, ik heb nog een leuke verassing voor jullie. Morgen komt tante Sofie uit Parijs met jullie nichtje Claire op bezoek en zij blijven logeren voor de rest van de week. Tante Sofie was voor de kinderen een soort suikertante die hen altijd opgewekt en blijgezind maakte. Zij had altijd leuke cadeautjes bij uit het verre Parijs. De popjes waar ook Joan zo graag mee speelde, had zij ooit meegebracht.
Sylvie begon alweer een beetje op te fleuren, maar in de oortjes van Joan bleven de ontnuchterende woorden van zijn stiefvader nazinderen. Met een knipoogje naar haar man, maakte Leonore duidelijk dat ze nadat de kinderen op hun kamer zouden zijn, er op het delicate onderwerp zou worden teruggekomen.

Leonore plofte met een diepe zucht in de zetel naast haar man die nog enkele rollen perkament aan het doornemen was. …”Leg je werk even opzij schat, ik moet je spreken. Er is een probleem met Joan!”… “Oei, dat klinkt ernstig. Ik weet wel hoe hard hij aan zijn zusje hangt, maar maak je geen zorgen, de tijd zal raad brengen!”… Leonore besefte dat het nu of nooit was. …”Lieverd, het zit heel wat dieper dan dat. Ik weet alleen niet goed hoe je gaat reageren, maar onze zoon draagt graag meisjeskleren”… Zij kon er niet langer omheen draaien en zij voelde zich eerder opgelucht dat ze het grote geheim van hun stiefzoontje kon delen. Jean zei aanvankelijk geen woord, maar aan de manier waarop hij zich een glas brandewijn inschonk, was duidelijk te merken dat het hard aankwam. In één enkele teug was zijn glas leeg. …”We moeten die jongen genezen. Ik duld geen sodomie in mijn huis zolang ik leef! Hij heeft die microbe van zijn verdomde familie geërfd! …Ik wil dat je nog voor de school begint met hem naar dokter Legrand gaat. Die zal wel een gepaste medicatie vinden!”… De bezorgde moeder had deze reactie min of meer verwacht. Zij had bijgevolg een gepast antwoord klaar. …”Schat, ik heb bij zijn broer Louis-Michel met eigen ogen gezien dat het hier niet om een ziekte gaat. Het is nog te vroeg om uit te maken of hij op jongens valt, maar ik weet wel dat Joan zich echt als meisje voelt en dat…” Jean onderbrak haar brutaal. …”Denk jij nu echt dat ik er op ga zitten wachten tot mijn zoon zich in het achterwerk laat neuken!?”… Hij nam nog een tweede glas en ging naar de echtelijke slaapkamer zonder zijn vrouw een nachtzoen te geven. Leonore bleef verbitterd en snikkend alleen achter.

Wordt vervolgd

woensdag 25 november 2015


Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen:
https://www.youtube.com/watch?v=nfQJRtf0kr4


EPISODE 9

De vrouw van de président van de assemblée nationale had iets aristocratisch. Waarschijnlijk een gevolg van haar vele dienstjaren als gouvernante op het koninklijk paleis. Maar tegelijkertijd had zij een innemende warme persoonlijkheid met een sterke afkeer voor sociaal onrecht. Als ‘premiere dame’ van het land die geregeld aan de zijde van haar man stond tijdens officiële gelegenheden, had zij indruk gemaakt en was zij een graag gezien persoon geworden.
Maar na de geboorte van Sylvie was er bij Leonore iets geknakt. De dokter had haar gezegd dat een tweede kindje heel waarschijnlijk haar dood zou betekenen. Zij was dol op kinderen en dat had zij ook laten merken door de manier waarop ze omging met de acht prinsjes die haar werden toevertrouwd. Leonore ging voorbij aan de verfoeilijke uitspattingen van het vorige regime. Zij sloot haar ogen voor het seksuele heen en weer gefladder van de koningin en gaf de acht adellijke spruitjes de genegenheid die ze van hun moeder moesten missen. Wat graag had zij een dergelijke kroost aan haar eigen keukentafel gezien! Zij had uren en dagen gediscussieerd met haar man om het achtste prinsje te mogen houden en om Sylvie alsnog een broertje te geven. Jean wilde er eerst niet van weten omwille van de bloedlink met een familie die hij zo hard had bestreden. Uiteindelijk kon hij zijn vrouw dit geluk niet ontzeggen en kreeg hij mettertijd zelfs vaderlijke gevoelens voor de kleine Joan.

De ochtend na het dubbele verjaardagsfeest, was Leonore al vroeg uit de veren. Terwijl de twee feestvarkentjes uitgeput en voldaan nog lagen te slapen, bereidde zij zoals iedere morgen een stevig ontbijt voor Jean die weer een drukke politieke agenda voor de boeg had.
…”Lieve schat, ik ben zo fier op onze twee snuiters en ik voel mij als gezegend met ons vieren.”… “Je hebt gelijk liefje, die twee zijn een onbetaalbare rijkdom. En weet je, ons familietje, hoe klein dan ook, geeft mij de kracht om mij te blijven inzetten voor de nieuwe weg die ons landje is ingeslagen.”… Ze omhelsden elkaar als een pas verliefd koppel totdat er aan de deurbel werd getrokken. Het was de koetsier van de assemblée die Jean kwam ophalen om hem naar de hoge vergadering te rijden.

Door de luide koperen bel was Joan wakker geworden. Op het driepikkeltje naast het bed van zijn zusje, zag hij het kleedje liggen waarin Sylvie fier als een prinsesje had geschitterd op hun feest. Zijn hartje klopte als nooit tevoren. Hij stond op, gaf de nog slapende Sylvie een zoentje en wurmde zich in het kleedje. Er ging een rilling door hem heen toen hij zichzelf in de spiegel bekeek en toen hij voelde hoe de zachte zijden stof zijn jongenslichaampje streelde. Hij besefte niet precies wat hem overkwam, maar hij had zich nog nooit zo speciaal gevoeld.
Hij wist wel dat het niet hoorde dat jongens meisjeskleren dragen, maar op de vraag waarom dit niet zou mogen, kon zijn kinderlijke verstand geen antwoord vinden. Tijdens het dagelijks badje dat hij deelde met zijn zusje was er voor hem geen verschil te merken op één klein detail na. Sylvie noemde het zijn ‘flietertje’. Zij vond het kleine slangetje best amusant maar besteedde er verder geen aandacht aan met uitzondering van die ene keer toen Joan wilde uitproberen of zijn straaltje pipi krachtig genoeg zou zijn om boven de badwaterspiegel uit te kunnen komen. Sylvie zette het hem betaald door zich om te draaien en al rechtstaand recht in zijn gezichtje te wateren. Elk van hen deed pipi op een andere manier. Zoveel was duidelijk, maar verder was er voor Joan totaal geen onderscheid en het was voor hem zeker geen aanvaardbare reden om geen kleedje te mogen dragen. Op zijn blote teentjes trippelde hij de trappen af en huppelde hij vol enthousiasme naar zijn stiefmoeder toe.

Leonore, die druk de gevolgen van het feest aan het opruimen was, schrok hevig toen ze haar zoontje als een volwaardig klein meisje naar zich toe zag stormen. …”Kijk eens mama, mooi he! En je moet er helemaal niets aan laten veranderen, het past mij als gegoten!”… Joan gaf haar een stevige kus en wachtte met open mondje op een reactie. Leonore had stilletjes gehoopt dat het maar om een bevlieging ging en dat de feestroes hem wel op andere gedachten zou brengen. Zij besefte nu dat er meer aan de hand was en ze wist ook dat dit kind een heel moeilijke toekomst te wachten stond. Ze zegde geen woord maar nam hem op haar schoot en zij voelde zich vertederd. Zij vond de kleine Joan best schattig in de outfit van zijn zusje.

Wordt vervolgd

dinsdag 24 november 2015


Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen:
https://www.youtube.com/watch?v=Ein_fFHr4m0


EPISODE 8

Het klikte wonderwel goed tussen de kleine Jean en het dochtertje van Leonore en Jean Dupont. Papa Jean was aanvankelijk niet opgezet met de aanwezigheid van het prinsje in zijn huis. Maar ook al was dit knaapje een rechtstreekse afstammeling van het verguisde koningshuis, Leonore begon zich te hechten aan het kind dat vanaf zijn geboorte dicht bij haar was geweest en met wie ze zelfs haar moedermelk had gedeeld. Het koppel had afgesproken om de afkomst van het achtste prinsje als een familiegeheim te bewaren. Niemand in het dwergstaatje mocht ooit te weten komen wie hij in werkelijkheid was. Uit grote liefde voor zijn vrouw, stemde Dupont ermee in om het kleintje te houden en het te doen uitschijnen dat zij hem hadden geadopteerd van een nicht in Frankrijk die tijdens de revolutie aldaar was omgekomen. Zij gaven hem zelfs een nieuwe naam: “Joan”.

Er gingen enkele onbezorgde jaren voorbij en Jean Dupont was omwille van zijn voortrekkersrol tijdens de machtswissel, voorzitter geworden van de “Assemblée Nationale”. Een soort parlement naar Frans voorbeeld waarin verkozen afgevaardigden zetelden. Het sociale leven in Mont Saint Duprez, was er sterk op vooruit gegaan. De armoede was sterk teruggedrongen en de handelaars in wijn, kaas en wilddelicatessen deden gouden zaken met het buitenland. Sinds lang geleden werden er eerlijke belastingen geïnd waarmee geïnvesteerd werd in een voortreffelijk gezondheidsbeleid en in gratis onderwijs voor alle kinderen. De ruime verdiensten van een groeiende middenklasse, zorgden er ook voor dat er een bloeiend cultureel leven op gang kwam. Grote concerten met gerenommeerde orkesten van overal uit Europa traden op in een bomvol “Palais de culture” in het oude koninklijk kasteel dat omgebouwd was tot een heus cultureel centrum. De talrijke herbergen en kleine gezellige restaurantjes floreerden en voor wie eens wat anders wou dan Bach, Mozart of Beethoven, kon terecht in de oude pastorie die was omgetoverd tot “Le Cabaret Avant Garde”

Joan en zijn stiefzusje Sylvie werden zes jaar. Gemakshalve werd Joan in het bevolkingsregister ingeschreven met dezelfde geboortedatum als die van Sylvie. In werkelijkheid was er tussen beiden slechts één week verschil, maar papa Jean wilde voorkomen dat zijn aangenomen zoontje zou geboren zijn op dezelfde dag als de achtste prins.
Leonore had een groot tuinfeest voorbereid voor de dubbele verjaardag. Overal in de bloemrijke tuin waren papieren vlaggetjes opgehangen en voor de vele uitgenodigde vriendjes was er bessensap en chocoladetaart voorzien. Als afsluiter van de smulpartij was er poppenkast waarvoor het plaatselijke toneelgezelschap een opvoering had in elkaar gestoken over een jager die het bos moest verlossen van een boze wolf. De vele ouders en de andere grote mensen konden wat later genieten van ree aan het spit en de lekkerste wijnen uit de streek.
Die morgen, enkele uren voor het feest, had Leonore een vervelend probleempje op te lossen. Zij had voor Sylvie een prachtig wit kleedje met pastelgekleurde bloemmotiefjes laten maken en voor Joan had de kleermaker een zijden hemd ontworpen in combinatie met een donkerrode fluwelen broek en bruine lederen laarsjes. Zij sliepen in dezelfde kamer en hun mama had de avond voordien de nieuwe kleren stilletjes naast hun bedje gelegd terwijl zij nog sliepen. Toen zij wakker werd en Sylvie het kleedje zag, gilde het meisje van verrukking en trok het onmiddellijk aan waarna zij fier rondjes draaide rond het bed van haar broertje. Joan lachte toen hij zijn zusje zag rondhuppelen maar dat veranderde snel toen hij zag wat er voor hem klaarlag. Met een pruillip ging hij op zijn buikje liggen en verstopte zijn gezicht onder het hoofdkussen. Leonore kwam de slaapkamer binnen en stelde verwonderd vast dat Joan zich had weggestopt. …”Wat is er schatje? Je mag niet triest zijn op je verjaardag!”… De tranen rolden over zijn bolle kaakjes …”Mama, ik wil een kleedje zoals dat van Sylvie!”… De lieve en opmerkzame moeder had al wel eens gezien hoe intens gelukkig haar beide kinderen konden samenspelen met de popjes die een tante ooit eens uit Parijs had meegebracht. Joan had nooit gevraagd naar het houten speelgoed of naar de miniatuursoldaatjes die zo populair waren bij de jongetjes uit de stad. Leonore was daar nooit bij blijven stilstaan, maar nu moest ze wel een heel acuut probleem zo snel mogelijk zien op te lossen. Zij nam hem in de armen en drukte het kleine ventje tegen haar boezem. …”Maar lieverd, je bent een jongen, die dragen geen kleedjes!” zei ze zacht. …”Waarom niet mama? Wat Sylvie mag aandoen is zoveel mooier dan die lompe jongenstroep!”… Zij moest de van verdriet verteerde kleine Joan nu snel kunnen kalmeren. …”Weet je wat schat, ik laat een tweede kleedje zoals dat van je zusje maken en morgen mag je dat van haar al eens passen om te zien of we de maten moeten aanpassen. Doe nu snel aan wat hier klaarligt want seffens komen al je vriendjes op bezoek!”…
Joan had nu iets om naar uit te kijken en met een beetje tegenzin kleedde hij zich aan terwijl Sylvie hem al strelend troostte. Leonore nam zich voor om voorlopig niets van het voorval tegen haar man te zeggen.

Wordt vervolgd

zondag 22 november 2015


Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen:
https://www.youtube.com/watch?v=S-Xm7s9eGxU


EPISODE 7

Het was al schemerdonker toen de koningin en Louis Michel de oprijlaan naar het kasteel bereikten. De poort stond wagenwijd open en er waren nergens nog wachters te bespeuren. Ook het huispersoneel dat in andere omstandigheden klaar stond om aan de kleinste verzuchting van de familie Duprez te voldoen, was verdwenen. Moeder en zoon haastten zich naar de troonzaal waar de zes jonge prinsen ontredderd op de trappen zaten voor een lege troon.

…”Moeder, wat gebeurt er allemaal?”… vroeg de oudste. Ze schaarden zich allemaal rond de wijde rok van hun moeder en staarden haar aan met open mond wachtend op een paar geruststellende antwoorden. …”Het komt wel in orde jongens, maar nu wil ik weten waar jullie vader is!”… Leonore, de gouvernante die de kleine Jean in de armen droeg, benaderde haar omzichtig. …”Uw man de koning is in de kapel majesteit. Hij heeft mij gevraagd de hoogstnodige bagage voor de kinderen klaar te zetten bij de koets die achter in de tuin op u allen staat te wachten”…”Wel Leonore, waarop wacht je nog? Ga nu onmiddellijk met iedereen naar het tuinpad, ik kom jullie zo dadelijk vervoegen!”… Leonore boog het hoofd…”Ik heb hier een dochtertje en een man. Het spijt mij majesteit, ik kan niet met jullie meegaan…” …”Hoe moet het dan met de kleine Jean? Je geeft hem borstvoeding!”… De koningin streelde het hoofd van de gouvernante. …”Ik begrijp het, in dat geval is er maar één uitweg: ik vertrouw Jeanke aan u toe. Hij is bij u alvast in goede handen. Ga nu naar huis met de kleine prins, daar ben je veilig.”… Marie-Josée liet een traan en gaf haar niets vermoedende jongste spruit een kusje op het hoofd terwijl zij haar oudste zoon teken deed om snel te verdwijnen met zijn broertjes.

Zij vond haar man knielend voor het altaar. …”Je bent er eindelijk…het is afgelopen met ons schat! Ik wil dat je met de kinderen naar Spanje gaat, de familie van mijn moeder zaliger zal jullie opvangen. De gouvernante heeft haar instructies…” Marie-Josée onderbrak hem. …”Ik weet het lieverd, maar jij gaat met ons mee!”… “Geen sprake van! Ik ben oud, jullie hebben nog een heel leven voor de boeg en bovendien wil ik niet de lafaard zijn die schaamteloos op de vlucht slaat. Vlug, ga nu, ze kunnen hier elk ogenblik komen binnenstormen…” Toen ze elkaar omhelsden, beseften zij beiden maar al te goed dat dit de laatste keer zou zijn. Zonder nog een laatste vaarwel aan zijn kroost, bleef de koning alleen achter.

Het was maar een kwestie van korte duur vooraleer de meute onder de leiding van Jean Dupont met luid gejoel de troonzaal binnenkwam. De koning zat zonder één spier te verroeren op de troon zijn lot af te wachten. Dupont hield halt op enkele meters afstand en stak zijn zwaard in de hoogte om de op wraak beluste menigte tot kalmte te bewegen. …”Louis Albert Duprez-Lagasse, het volk van Mont Saint Duprez heeft mij bij mondeling decreet gemachtigd om u te arresteren wegens hoogverraad. U zal vanavond nog berecht worden door een volksjury die een gepast vonnis zal uitspreken. Twee gewapende burgers namen de koning in hechtenis en bonden hem vast op een lege hooiwagen die begeleid door tientallen fakkels in de richting van het stadscentrum reed.
Zonder zich te verzetten werd Louis-Albert in één van de cellen van de pastorie gestoken terwijl Dupont zich in het bureau van de onthoofde kardinaal Verfaille toelegde op de samenstelling van de volksjury. Hij liet zich daarvoor omringen door enkele vooraanstaande handelaars, wijnboeren en herbergiers. Er werd beslist om bij zonsopgang de bevolking op het plein bijeen te roepen en hen te laten oordelen over leven of dood van koning Duprez.

De eerste zonnestralen priemden door de wolken toen onder luid klokkengelui het plein voor de kathedraal vol stroomde met mensen die het einde van de monarchie wilden meemaken. Op het houten schavot stond naast de guillotine een lange tafel opgesteld waaraan werd plaatsgenomen door 9 leden van de inderhaast samengestelde volksjury met Jean Dupont in het midden. Het tromgeroffel van één der overgelopen gardeleden, kondigde het begin van de rechtszaak aan. Dupont nam het woord. …”Burgers van Saint Duprez, formuleer uw aanklachten!”… Zonder verwijl klonken vanuit verschillende brullende hoofden de aantijgingen: …”Mijn dochter en mijn vrouw werden meerdere malen verkracht!… Mijn zoon is zijn mannelijkheid kwijt!… Mijn vrouw is al meer dan een jaar spoorloos…” De beschuldigingen bleven komen tot Dupont om stilte vroeg. …”Het is duidelijk dat deze verfoeilijke man met recht en rede is aangehouden, mag ik jullie nu vragen om de strafmaat te bepalen?”…”MORT A LA GUILLOTINE!” weergalmde het tot aan de verste bergtoppen die het stadsplein omringden. De negenkoppige jury hield een kort overleg en de voorzitter richtte zich tot de veroordeelde die gelaten de gebeurtenissen onderging. …”Dit vonnis wordt met onmiddellijke ingang uitgevoerd!”…
Na de executie werd een groot volksfeest gehouden dat tot laat in de avond duurde.

Wordt vervolgd

vrijdag 20 november 2015


Klik op de onderstaande muzieklink om nog beter in de sfeer te komen:
https://www.youtube.com/watch?v=298cdANN2Q8


EPISODE 6

Zonder twijfel waaide er vanuit het verre Franrijk een revolutionaire wind over. Het was enkele handelaars die collega’s hadden in Parijs, ter ore gekomen dat de burgerij en het volk in opstand was getreden tegen het Franse Koningshuis. Net als in Mont Saint Duprez, werden de Franse burgers al generaties lang onderdrukt door een corrupt regime dat in grote weelde leefde terwijl de gewone mensen honger hadden.

Bij een zekere Jean Dupont, een schapenhouder uit de banlieus, sloegen de stoppen door toen hij te weten kwam dat zijn pas bevallen vrouw die voor de koninklijke familie als gouvernante werkte, borstvoeding gaf aan de achtste prins. Hij maakte gebruik van de opschudding op de markt om met een aantal heethoofden naar het midden van het plein te trekken. De Garde Catholique die na de arrestatie van de kardinaal geen echte leider meer had, reageerde amper op Dupont die bovenop een wijnvat was gaan staan en de mensen toeriep: …”We gaan “les Connards” uit hun chateau halen en wij het volk, veroordelen hen tot de guillotine! Maar eerst gaan wij ons wreken op de man die onze dochters en onze vrouwen verkracht en die onze broeders doet wegkwijnen in de kerkers van ontucht! “… Dupont wees naar het balkon van de pastorie. Niemand was er van op de hoogte dat de koningin zelf Verfaille reeds had laten opsluiten. De meeste leden van de Garde voelden nattigheid en keken vragend naar hun commandant die met toenemende onzekerheid had staan luisteren op de trappen van de kathedraal. Hij wrong zich moeizaam een weg tussen de briesende meute en ging naar Jean Dupont toe om hem te vertellen dat de kardinaal opgesloten zat. …”Ik geef u Verfaille, maar laat de koning en zijn familie gerust!”… Dupont moest hard lachen…”Horen jullie dat? Deze verfoeilijke vazal wil het op een akkoordje gooien! “... TOUS A LA GUILLOTINE SANS PARDON! A LA GUILLOTINE!’… riep iedereen uit volle borst. Enkele mannen namen de commandant in de greep en duwden hem vooruit in de richting van de pastorie. Geen enkele gewapende wacht durfde in te grijpen en sommigen ontdeden zich zelfs met schaamte van hun uniform.

Slechts enkele minuten later kwam Dupont terug buiten met een geketende Verfaille van wie de kleren van het lijf gerukt werden door de dol geworden burgers. Enkelen hadden reeds in samenwerking met overgelopen leden van de Garde de guillotine klaargezet op het houten verhoog dat voor publieke executies en castraties een permanente plaats had gekregen voor de muren van de pastorie. De anders zo fiere kardinaal stond nu bevend en zo goed als naakt te kijk voor een joelende menigte. Hij hield twee bloedende handen voor zijn genitaliën en liet een luide kreet toen Dupont een handvat van een riek recht in de anus stak. …”Dat hebben veel van onze jongens ook moeten voelen!”… Hij spuwde recht in het gelaat van de kardinaal, liet een tafeltje aanrukken waarop het lichaam met open gespreide benen werd vastgebonden en hakte in één beweging zijn edele delen af. De bewusteloze man werd onder de guillotine geplaatst en de mensen werden uitzinnig. Kort daarop viel genadeloos het mes en het vermeende heilige hoofd rolde in een rieten mandje.
De commandant gaf als teken van overgave demonstratief zijn sabel aan Jean Dupont die het wapen in de lucht hield. …”EN NU OP NAAR HET PALEIS!”…

Wordt vervolgd

woensdag 18 november 2015


Klik op deze muzieklink om nog beter in de sfeer te komen: https://www.youtube.com/watch?v=k1-TrAvp_xs


EPISODE 5

Het was zonder voorgaande dat iemand van de Garde Catholique een lid van de koninklijke familie moest aanhouden. De sergeant was duidelijk niet op zijn gemak toen hij de twee met vastgebonden handen binnenbracht.
…”Maak ze los en laat de markt ontruimen!”… beval Verfaille nors. Hij ging richting het balkonraam en wees naar buiten. …”Horen jullie dat? …Jullie hebben je eigen doodvonnis getekend, in het beste geval gaan jullie ballen er af!”… Louis-Michel nam zijn vriend bij de hand. …”Monseigneur, het wordt hoogtijd dat er een einde komt aan de hypocrisie die u en mijn ouders in stand proberen te houden!”… De kardinaal, die doorgaans een zachte houding aannam ten opzichte van de jongen waarmee hij reeds jaren spelletjes speelde die het daglicht niet mochten zien, werd nu woest. Hij nam Louis-Michel ruw bij de kraag en schreeuwde het uit. …”Gij verwende klootzak! Ik zal persoonlijk het mes vasthouden om uw beider testikels te verwijderen en om ze nadien aan de jachthonden te voederen!”… William, die tot nog toe geen kik had gegeven, verloste zijn vriendje kordaat van de greep waarin de monseigneur hem hield en keek recht in de ogen van de briesende man. …”Ik zou maar beter een toontje lager zingen als ik van u was mijn beste of ik breng alle smeerlapperij die deze muren al gezien hebben aan het licht. Ik ben er van overtuigd dat het volk op het plein andere slogans zal roepen wanneer ze te weten zullen komen welke ondoorgrondelijke wegen uw christelijke piemel reeds is opgegaan!”… Bevend van woede nam Verfaille een scherpe briefopener in de hand en stak William er recht mee in de buik. …”Daarvoor zal je de kans niet meer krijgen, stuk uitschot!”…
Op datzelfde ogenblik ging de deur open en stormde de koningin binnen die haar huilende zoon geknield op de grond zag zitten met op zijn schoot een zwaar bloedende William die bijna het bewustzijn had verloren. …”Wat in Godsnaam is hier aan de hand?”… “Hij gaat dood mama!” Marie-Josée zag hoe William verkrampte en met vreselijke stuiptrekkingen zijn laatste adem uitblies. …”Wachters, arresteer die moordenaar!”… Zij wees in de richting van de kardinaal die met een Pilatus-gezicht zijn onschuld uitschreeuwde. …”Majesteit, die verrader wilde ons allen ten onder zien gaan!”… “En de eerste zult gij zijn!”… riep de koningin tegen de man met wie ze de nacht voordien haar seksuele lusten deelde. Verfaille werd hevig tegenspartelend weggevoerd.
Toen zij alleen met haar zoon achterbleef, nam zij Louis-Michel in de armen. …”Vergeef mij lieverd, ook ik heb schuld aan deze toestand… Wij moeten nu vooral trachten het hoofd koel te houden om te redden wat er nog te redden valt.”… “Moeder, er valt voor mij niets meer te redden, mijn grote liefde is zonet gestorven en ik wil ook niet meer leven!”… “Stop met die onzin schat! Je vader en ik hebben het er verdomd moeilijk mee dat je op mannen valt, maar wij houden van je, net zoveel als van je broertjes.”… Marie-Josée begon stilaan te beseffen dat de zaken in het kleine koninkrijkje voortaan anders zouden gaan lopen. Het lijk van William werd weggehaald en op verzoek van de koningin opgebaard in het koninklijk paleis. Even later verdwenen ook moeder en zoon in diezelfde richting via een steegje aan de achterkant van de pastorie om niet opgemerkt te worden door mogelijk opstandige burgers.

Wordt vervolgd

maandag 16 november 2015


Klik op deze muzieklink om nog beter in de sfeer te komen: https://www.youtube.com/watch?v=IAAmC2QCsg4


EPISODE VIER

De midzomerzon stond pal boven het plein van de “Centre du ville”. Vandaag was er een gezellige drukte, het was de wekelijkse marktdag. De boeren uit de omliggende heuvels verkochten er hun fruit en groenten, vrouwen zochten stoffen uit om hun kroost te kleden en op diverse plaatsen grilden de jagers hun prooien boven knetterende houtvuurtjes. Het terras van de “Auberge du roi” zat bomvol met wijn drinkende- en luid tetterende burgers, de ene al wat meer dronken dan de andere. Gisteren was het ganse plein voor hen afgesloten geweest ook al was dit hun terrein waar zij zich veilig voelden tussen de massa en ongestoord konden roddelen en klagen over het decadente gedrag van de koninklijke familie.
De markt had al meerdere malen gebleken een haard van oppositie te zijn waar heethoofden nauwlettend in het oog werden gehouden door leden van de Garde Catholique. Het zou te veel tumult veroorzaken om hen tijdens de markt te arresteren. Daarom werden zij meestal bij het krieken van de dag daarop van hun bed gelicht en opgesloten voor onbepaalde duur.
De kardinaal had vanop het terras van zijn bureau een duidelijk overzicht over het hele plein. Hij liet zich echter nooit volledig zien en hij bespiedde het plebs vanachter een half openstaand loodraam waarin doorzichtige stukjes glas waren verwerkt.
Ditmaal was hij nog niet tot aan het balkon gewandeld. De instructies van de koning hielden hem aan zijn werktafel gekluisterd waarop de genodigdenlijst van het doopfeest lag. Hij bleef minutenlang staren naar één naam op het perkament: “William Lawson of Kensington”. Hij had met water in de mond gezien hoe de contouren van de genitaliën van deze aantrekkelijke jongeman zich uitnodigend aftekenden in zijn spannende lichtgrijze kousenbroek. …”Voor de ogen van de koning en die van Louis-Michel, zal jij vanavond niet meer zichtbaar zijn lieverd… maar omwille van mijn spirituele gezondheid, ga ik je dicht bij mij in de buurt houden zonder dat iemand het merkt…” In deze duivelse gedachte verzonken, was Verfaille behoorlijk opgewonden geraakt en hij wreef zich met de handen tussen de benen waarna de knoppen van het felrode kardinaalskleed dreigden open te springen door een zwaar opgezwollen geslachtsdeel.
Toen kwam plots een sergeant van de Garde binnenstormen. …”Moet ik u degraderen tot staljongen dat je hier zonder kloppen mijn middaggebed komt storen?...” Bulderde de kardinaal. … “Duizend maal verschoning aan Zijne Heiligheid… maar mijn mannen hebben op de markt prins Louis-Michel en een buitenlandse man van adel opgemerkt en …euh… “ … Ga door petit con!”… De gouden kandelaar op de werktafel dreigde om te vallen toen Verfaille met gebalde vuist op tafel sloeg. Aarzelend en zwaar ademend probeerde de sergeant zijn verslag af te maken. … “Monseigneur, …zij lopen hand in hand en zij … hebben elkaar gezoend!”… De laatste drie woorden kwamen er met een sneltreinvaart uit, ook al zou het nog meer dan 200 jaar duren vooraleer zoiets als een trein in deze contreien bekend zou zijn. Tegen zijn gewoonte in haastte Verfaille zich naar het balkon en tuurde voorovergebogen naar het plein om een glimp van het koppel te kunnen opvangen. Het duurde niet lang vooraleer hij tussen het plebs het wiebelende achterwerk van Louis-Michel onderscheidde en zag hoe de andere met zijn hand door de blonde krullen van de koningszoon streelde. Overal waar zij voorbij gingen werden zij begluurd door grote ogen vol ongeloof en sommigen hielden van verbazing beide handen voor de open mond. Hier en daar werden de gevreesde woorden geschreeuwd: …”IL FAUT LES CASTRER, IL FAUT LES CASTRER LES DEUX!...” De kardinaal geloofde niet wat hij zag …”Au nom du bon Dieu! Zijn die nu helemaal gek geworden?...Sergeant, breng die twee onmiddellijk bij mij en geen woord van dit incident aan de koning noch de koningin!”…
De plannen waren nu grondig overhoop gehaald en de intussen dood nerveus geworden monseigneur ijsbeerde ongeduldig van de ene muur naar de andere wachtende op de twee verliefde jongens. Intussen welde het gejoel aan vanop het marktplein en klonk één slogan alsmaar luider: “IL FAUT LES CASTRER!”

wordt vervolgd

vrijdag 13 november 2015


Klik op deze muzieklink om nog beter in de sfeer te geraken:
https://www.youtube.com/watch?v=Kpqm1hxgH-w


Het feest in de pastorie en de dienst in de kathedraal, bezorgden Verfaille een flinke pluim op de mijter. Koning Bertrand kwam hemde volgende morgen dan ook persoonlijk bedanken op het bureau van de Garde Catholique.
…”Mijn beste Monseigneur, ik kom u mijn welgemeende erkenning overmaken voor het uitstekende werk dat u gisteren geleverd hebt!”… De kardinaal voelde zich wat ongemakkelijk toen hij de ouder wordende man in de bezoekerszetel hielp. Hij had tot enkele uren voordien de nacht doorgebracht met de koningin en haar gezegend met zijn allerheiligste edele delen. Hij kwam niet te dicht bij de koning uit schrik dat hij de geur van haar parfum zou herkennen.
…”Maar Sire, ik ben slechts uw nederige dienaar. Het is niet meer dan vanzelfsprekend dat de kleine prins met het nodige eerbetoon werd opgenomen in de schoot van de heilige kerk! … Hoe is het trouwens met hare majesteit de koningin? Ik heb haar gisterenavond na het diner niet meer gezien!”… “Oh, mijn vrouw was moe, mon chere. Ze wilde zich te rusten gaan leggen… net bevallen, de stress… begrijpt u wel. Ik heb haar vanmorgen niet willen storen in haar vertrekken… maar verder dank ik God voor zulke sterke, mooie en vooral vruchtbare vrouw…”
Verfaille knikte instemmend en dacht ondertussen aan de vochtige, zoete koninklijke vagina die hem al meerdere malen in het paradijs deed vertoeven. …”Sire, ik heb hier toevallig nog een fles van die heerlijke Spaanse brandewijn open staan. Klinken we samen op de koningin en op een mooie toekomst voor prins Jean?”… Deze uitnodiging kon koning Bertrand niet afslaan. Zijn moeder, die afkomstig was van het Spaanse Aragon, liet vroeger regelmatig lekkernijen meebrengen uit het verre zuiden waaronder brandewijn één van de vaste attributen was tijdens de lange spelletjes schaak die hij met zijn vader zaliger deelde.
De koning nipte met zichtbaar genoegen van het donker goudkleurige drankje en draaide met de mondholte om de aroma’s tot hun volle recht te laten komen. …”oh!...het is net of één van de engeltjes van onze lieve heer op mijn tong staat te wateren!”… Het was alsof hij hier de kracht uit putte om een zakelijk gesprek te beginnen. …”Even ter zake nu! Was iedereen die aanwezig hoorde te zijn ook echt in de kerk?”… “Volgens onze eerste bevindingen waren al genodigden op het appel Sire, behalve dan dokter Le Bloque en zijn vrouw…” De koning wreef over de kin, liet een grommend geluidje en gebaarde de wacht om buiten op de gang te gaan staan.
…”Monseigneur, dit stelt ons voor een uiterst delicaat probleem. Ik kan onmogelijk iets ondernemen tegen de dokter zolang prins Louis-Michel niet genezen wordt van zijn sodomie…” Koning Bertrand liet een diepe zucht en nam met bevende hand nog een slokje van het Spaanse engelendrankje. Hij schoof zich een beetje dichter bij de kardinaal en keek even om zich heen om er zeker van te zijn dat niemand hun gesprek kon horen. …”Ik wil een beroep doen op uw loyaliteit tegenover onze familie en u de opdracht geven om de prins van andere mannen weg te houden. U begint met onze Engelse gast. Ik wil dat hij vandaag nog de koets naar de haven neemt en dat u hem op het eerste schip terug naar Engeland zet. Als hij op welke manier dan ook tegenwerkt, dan schakelt u hem maar uit!”…
De Jonkheer doen verdwijnen, was voor Verfaille een koud kunstje ook al had hij maar al te graag eerst de vleselijke degens gekruist met deze aantrekkelijke jongeman. …”U kan op mij rekenen Sire, voor zonsondergang is dit probleem de wereld uit!”… “Perfect, dan ga ik nu maar… euh…” Toen de koning aanstalten maakte om terug naar het paleis te gaan, opende één van zijn neusvleugels zich en werd een groot dik grijs haar zichtbaar in de holte van zijn reukorgaan. …”Dat is vreemd… ik meende even een vleugje te bespeuren van het parfum van mijn vrouw!...” De vindingrijke kardinaal had onmiddellijk een antwoord klaar. …”Dat zou kunnen Sire, uw vrouw de koningin had hier op mijn bureau gisteren nog een gesprek met de prins. Zij had mij gevraagd om hen even wat privacy te gunnen”… “…Juist ja, Marie-Josée is ook erg begaan met de misdragingen van haar zoon… Goed, u weet wat u te doen staat!”
Toen de koning eindelijk weg was, plofte Verfaillle opgelucht in de fluwijnen kardinaalszetel en begon hij aan het smeden van een pervers plannetje .

Wordt vervolgd